Skip to main content
Hersteloperatie toeslagen

Wegwijzer aanvullende schadevergoeding herstel toeslagen

By 7 september 2026No Comments

Veel ouders die zijn geraakt door de toeslagenaffaire stellen ons dezelfde twee vragen: welke route moet en kan ik nemen voor het verkrijgen van aanvullende vergoeding voor werkelijk geleden schade als de compensatie na integrale beoordeling niet voldoende is, en wat kan ik ongeveer verwachten?

Die vragen zijn begrijpelijk, want de hersteloperatie is ingewikkeld en de keuzes zijn ingrijpend. Het Ministerie van Financiën en de Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen zijn momenteel druk doende om de schaderoutes verder te verhelderen en te verbeteren. Dat er nu nog onduidelijkheid bestaat over de schade routes en de Individuele Schade Berekening blijkt onder andere uit recente rechtspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze heeft recent geoordeeld dat verschillende aspecten van de forfaitaire (en werkelijke) schaderoutes verbeterd of (door)ontwikkeld moeten worden.

Aanvullende schadevergoeding toeslagen

Om ouders daarbij op weg te helpen, hebben wij (vanuit Laghmouchi Law) een Wegwijzer schadevergoeding gemaakt: een eenvoudig, gratis hulpmiddel waarmee u zich op uw gemak kunt oriënteren, thuis, op uw eigen tempo, en zonder dat u ergens iets voor hoeft te installeren.

Wat doet de wegwijzer?

De wegwijzer bestaat uit drie onderdelen.Eerst is er de toegangsmatrix. Met een paar korte vragen ziet u of u kunt kiezen voor (Gelijk)waardig Herstel of MijnHerstel, de routes met vaste bedragen, of dat u bent aangewezen op de Commissie Werkelijke Schade (CWS). Daarbij houden wij drie dingen streng uit elkaar, omdat ze in de praktijk voortdurend door elkaar lopen: of u toegang heeft, of u een zwaardere onderbouwing moet leveren, en wat er straks van uw bedrag wordt afgetrokken. Dat laatste is geen drempel, maar het bepaalt wel wat u overhoudt.
Een paar misverstanden die wij vaak tegenkomen, zijn in de matrix rechtgezet. Een O/GS-vermelding naast een toekennende integrale beoordeling sluit u níet uit: alleen wie uitsluitend O/GS-compensatie kreeg, kan nu nog niet starten en is aangewezen op de CWS. Staat u in de wachtrij bij de CWS, dan mag u juist overstappen; alleen wie daar al in behandeling is, of in bezwaar tegen een CWS-besluit, kan nu niet meedoen. En zijn u en uw (ex-)partner allebei aanvrager en allebei gedupeerd, de zogenoemde dubbele aanvragers, dan kunt u sinds kort allebei starten en het traject samen doorlopen.Ook de zogenoemde “2000-minners” verdienen een correctie, want daarover bestaat veel onnodige onrust. Het gaat om ouders die over 1 of 2 jaar gedupeerd waren en in geen van die jaren méér dan €2.000 hoefden terug te betalen, of die over meer jaren in totaal niet meer dan €2.000 terugbetaalden. Zij worden niet de deur gewezen en worden ook niet naar de CWS gestuurd. Wat wél geldt, is dat het verband tussen hun ellende en de kinderopvangtoeslag niet zonder meer wordt aangenomen: de schade-analist schrijft dan een aanvullende motivering en van de ouder wordt een schriftelijke onderbouwing verwacht. Lukt dat niet, dan kan het gebeuren dat er niets uitkomt. Het is dus geen toegangsdrempel maar een bewijslastregel, en juist daar telt hoe het verhaal is opgeschreven.
Daarna kunt u per route een indicatie van de schadevergoeding maken. (Gelijk)waardig Herstel en MijnHerstel werken met hetzelfde overzicht van 29 schadeposten, verdeeld over vijf leefgebieden: financiën, gezin, welzijn en zorg, wonen en werk. Bij elke gebeurtenis hoort een vast bedrag. U vinkt aan wat u heeft meegemaakt en ziet meteen een eerste, ruwe schatting. Bij elk onderdeel staat een knopje met uitleg, een voorbeeld en een paar gerichte vragen, zodat u stap voor stap wordt geholpen en zelf ziet waar uw verhaal nog aanvulling nodig heeft.Dat laatste is geen overbodige luxe. Wij zien met regelmaat dat ouders posten laten liggen waar zij recht op hebben. De ouder die juist hárder ging werken om de schulden af te lossen, denkt vaak dat er voor haar niets in zit, terwijl er een aparte post bestaat voor wie wel werkte maar niet over het eigen inkomen kon beschikken. De ouder die in een auto sliep zegt “ik was niet dakloos, ik was thuisloos”, en laat daarmee een fors bedrag liggen. En het kind dat strafbare feiten pleegde met een financieel motief, valt uitdrukkelijk onder het verlies van gelijke kansen, maar dat vertelt bijna niemand uit zichzelf.

De drie routes in het kort

Komt u in aanmerking voor een aanvullende schadevergoeding, dan kunt u in beginsel kiezen uit drie routes. Die keuze luistert nauw, want de routes verschillen van elkaar en uw keuze kan gevolgen hebben voor uw rechten.

(Gelijk)waardig Herstel is bedoeld voor ouders die behoefte hebben aan persoonlijke begeleiding. Een luisterend schrijver helpt u om uw verhaal en de gevolgen van de affaire helder vast te leggen; daarna beoordeelt een onafhankelijke schade-analist uw aanvraag aan de hand van vaste vergoedingsbedragen. Deze route kan prettig zijn als u ondersteuning wilt bij het opschrijven van uw verhaal. De kwaliteit van uw verhaal varieert naar onze ervaring enorm en is afhankelijk van de schrijver. Het is sowieso altijd verstandig om uw advocaat bij iedere stap goed te betrekken. Te meer de Stichting (en de luisterend schrijver) de advocaat niet proactief informeert en u zelfs de indruk kan geven dat u geen advocaat nodig heeft. In de praktijk blijkt het tegendeel!

MijnHerstel werkt met dezelfde uitgangspunten en dezelfde vaste bedragen, maar u dient de aanvraag zelf digitaal in en doorloopt het proces zelfstandig dan wel met uw advocaat (of andere gemachtigde/ rechtsbijstandsverlener). De beoordeling ligt bij de Uitvoeringsorganisatie Herstel Toeslagen (UHT). Geschikt als u liever zelf (met uw advocaat of rechtsbijstandsverlener) de regie houdt. Uw advocaat is dan meer betrokken bij uw zaak.

De Commissie Werkelijke Schade (CWS) werkt anders en is inmiddels beleidsmatig beperkt tot bepaalde typen dossiers. Deze route werkt in beginsel niet met vaste bedragen, maar met een individuele beoordeling van uw daadwerkelijke schade, zonder vooraf vastgesteld maximum. Indien de werkelijke schade niet bepaald kan worden is het mogelijk dat bij bepaalde schadeposten gewerkt wordt met vaste bedragen. Deze route bestaat wettelijk nog, maar de overheid behandelt op dit moment in beginsel geen nieuwe aanvragen van ouders die ook via (Gelijk)waardig Herstel of MijnHerstel terechtkunnen. Of die beleidskeuze juridisch standhoudt, is nog onderwerp van discussie. Na de beoordeling ontvangt u een beschikking; bent u het daar niet mee eens, dan staan bezwaar en beroep open. Het CWS-schadekader zelf blijft in gebruik: het vormt de basis voor de individuele schadeberekening (ISB) binnen MijnHerstel (zie “Recente ontwikkelingen” hieronder).

De forfaitaire routes (Gelijk)waardig Herstel en MijnHerstel worden in beginsel afgesloten met een vaststellingsovereenkomst. Vindt u dat het aangeboden bedrag geen recht doet aan uw werkelijke schade, dan kunt u uw schade alsnog individueel laten beoordelen. Die individuele beoordeling volgt de werkwijze van de CWS: uw eerder ingediende informatie wordt opnieuw bekeken, waar nodig aangevuld, en uw schade wordt op basis van uw persoonlijke situatie berekend. Ook dat kan uitmonden in een vaststellingsovereenkomst; komt u er niet uit, dan volgt een beschikking waartegen de gebruikelijke rechtsmiddelen openstaan.

Recente ontwikkelingen (zomer 2026)

De routes zijn volop in beweging. Dat blijkt ook uit de Kamerbrief van 3 juli 2026. MijnHerstel kent inmiddels geen wachtrij meer: wie zich aanmeldt, wordt direct geholpen. Nieuwe aanvragen bij de Commissie Werkelijke Schade worden in de regel niet meer rechtstreeks behandeld; ouders die nog in de CWS-wachtrij staan, wordt gevraagd vóór 1 september 2026 te kiezen voor (Gelijk)waardig Herstel of MijnHerstel. Wie geen keuze maakt, wordt in beginsel via MijnHerstel verder geholpen; overstappen naar (Gelijk)waardig Herstel blijft ook na 1 september mogelijk.

Sinds 30 juni 2026 kunnen ouders die vinden dat de vaste bedragen hun werkelijke schade niet dekken, een individuele schadeberekening (ISB) vragen binnen MijnHerstel. Die gebruikt het schadekader van de CWS, maar anders dan bij de forfaitaire routes moet de ouder de werkelijk geleden schade zélf aannemelijk maken.

Het ISB-portaal is sinds 30 juni 2026 open voor aanmelden en het plannen van een informatiegesprek; in dat gesprek wordt uitgelegd hoe de ISB werkt, wat het verschil is met MijnHerstel en (Gelijk)waardig Herstel, en wat de gevolgen van de keuze zijn. De mogelijkheid om de schade online door te geven en nadere stukken in te dienen komt naar verwachting na de zomer. Naar wij begrijpen wordt bovendien gewerkt aan een mogelijkheid om vanuit MijnHerstel direct door te steken naar een individuele schadeberekening met een beschikking, met extra proceswaarborgen, zodat de ouder een weloverwogen keuze kan maken tussen eerst het forfaitaire aanbod bekijken of meteen de individuele route in. Ook zou voor beschikkingen over aanvullende schade een onafhankelijke adviesfunctie worden ingericht, waarbij het bestuursorgaan de aanvraag eerst inhoudelijk beoordeelt en een onafhankelijke commissie zich vooral over de resterende geschilpunten buigt. Dit alles wordt nog uitgewerkt en kan de komende maanden nog wijzigen.

Ook de rechtspraak beweegt. In een uitspraak van 3 juni 2026 oordeelde de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dat ouders recht hebben op een beoordeling van hun werkelijke schade: een vast (forfaitair) bedrag mag niet dwingend worden opgelegd, en de ouder moet de kans krijgen aannemelijk te maken dat het forfait tot ondercompensatie leidt. In dezelfde lijn stelde de Afdeling vast dat de besluitvorming over werkelijke schade te lang stillag; zij zette de dwangsom bij te laat beslissen voor een jaar op nul, omdat die de afhandeling juist vertraagde.

Kanttekening: deze ontwikkelingen zijn bevestigd in de Kamerbrief van 3 juli 2026, maar de precieze uitwerking, met name van de individuele schadeberekening en de nieuwe onafhankelijke adviesfunctie, loopt nog en kan de komende maanden nog wijzigen. Laat u daarom over uw eigen situatie adviseren.

De ISB en het moment van geen terugkeer

Dit is inmiddels de vraag die ons het vaakst bereikt. Een ouder heeft een schadeberekening van (Gelijk)waardig Herstel gekregen of een voorstel van MijnHerstel, en hoort overal dat de individuele schadeberekening “hoger of lager” kan uitvallen. Begrijpelijk dat de vraag dan is: kan ik de ISB proberen en, als die tegenvalt, terugvallen op mijn eerdere voorstel?

Het eerlijke antwoord vraagt precisie, want hier zit een misverstand dat tot spijt kan leiden. Het beslissende moment is naar wij uit informatie van het Ministerie van Financiën begrijpen niet het aanmelden voor de ISB, maar het doorgeven van uw schade. Tot dat moment kunt u de vaststellingsovereenkomst uit uw route nog opvragen en tekenen. Zodra u de schade in de ISB heeft doorgegeven en uw aanvraag compleet is, kan dat niet meer: u kunt dan niet terug naar de route en een eerder, mogelijk hoger voorstel niet alsnog ondertekenen. Aanmelden en voorbereiden is dus vrijblijvend; doorgeven is dat niet.

Waarom u daadwerkelijk een hogere vergoeding kunt mislopen, zit in de aard van de ISB. Het is geen optelsom bovenop uw forfaitaire uitkomst: de totale vergoeding met vaste bedragen wordt er niet in meegenomen. Uw schade wordt volledig opnieuw berekend. Het kan dan gebeuren dat u voor één gebeurtenis meer krijgt dan bij de vaste bedragen, terwijl het totaal voor alle gebeurtenissen samen juist lager uitkomt, bijvoorbeeld doordat stukken ontbreken of het verband met de affaire voor een deel niet wordt aangenomen. Valt de ISB tegen, dan is de weg terug naar het forfaitaire voorstel afgesloten.

De praktische les die wij ouders daarom meegeven, is een kwestie van volgorde. Zorg dat u uw forfaitaire uitkomst kent vóórdat u de ISB-schade doorgeeft. Alleen dan kunt u een echte keuze maken. Geef nooit door voordat u weet wat u opgeeft. Nog een geruststelling: online doorgeven kan naar verwachting pas vanaf ongeveer eind september 2026, dus er is tijd om dit met uw advocaat rustig af te wegen en de onderbouwing op orde te brengen. De stukken die u al in MijnHerstel of bij SGH aanleverde, gaan overigens mee naar de ISB.

Een misverstand dat wij graag wegnemen: de forfaitaire route en de individuele schadeberekening zijn alternatieven, geen combinatie. U kunt niet één schadepost waarover u ontevreden bent apart in de ISB laten beoordelen en de rest forfaitair houden. Kiest u de ISB, dan wordt uw hele aanvullende schade opnieuw en op maat bekeken. Dat maakt de afweging vooraf des te belangrijker.

De handleiding voor de individuele schadeberekening maakt duidelijk voor wie deze route echt bedoeld is. De ISB past pas als drie dingen tegelijk gelden: uw werkelijke schade is veel hoger dan de vaste bedragen of valt daar helemaal buiten; u kunt dat laten zien met documenten en een toelichting; en u kunt aantonen dat de schade rechtstreeks door de kinderopvangtoeslag komt. Naar dat laatste, het causaal verband, wordt bij de ISB uitdrukkelijk strikter gekeken dan bij (Gelijk)waardig Herstel of MijnHerstel. Geldt een van die drie niet, dan kan de ISB juist lager uitkomen dan de vaste bedragen. Binnen de ISB geldt bovendien een getrapte toets: voor de meeste posten volstaat een aannemelijk verhaal dat in de tijdlijn past, maar voor hoge bedragen of ingewikkelde posten is een zwaardere, goed te controleren onderbouwing nodig. De individuele berekening wordt naar verwachting in het najaar opengesteld; voorbereiden kan nu al.

Twee dingen die in de praktijk misgaan

De saldering. Van het forfaitaire totaal wordt afgetrokken wat u eerder ontving: de vergoeding materiële schade van 25% uit uw integrale beoordeling, de immateriële vergoeding van €500 per half jaar (gerekend van de startdatum van uw integrale beoordeling tot de definitieve beschikking), een eventuele O/GS-tegemoetkoming en eerder ontvangen voorschotten. Kwam uw integrale beoordeling in totaal onder de €30.000 uit, dan mocht u het verschil houden, maar dat surplus uit de Catshuisregeling wordt wél verrekend. Door die saldering kan het gebeuren dat er onder de streep weinig of niets overblijft. Goed om te weten: de €30.000 was ooit ook een toegangsvoorwaarde voor (Gelijk)waardig Herstel, maar de recentste informatie behandelt dat bedrag uitsluitend nog als salderingspost. Wie daarop is afgewezen, doet er verstandig aan dat te laten toetsen.

Dat neemt niet weg dat wij de saldering op onderdelen juridisch aanvechtbaar vinden. De Afdeling bestuursrechtspraak onderscheidt verschillende immateriële schadeposten. Het is dan niet vanzelfsprekend dat echt smartengeld wordt weggestreept tegen een vergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn, of tegen een O/GS-tegemoetkoming, die een heel andere grondslag heeft. Dat verweer voeren wij, en het is de moeite waard voordat u tekent.

De startdatum. De schade-analyse gaat uit van de startdatum van uw integrale beoordeling: de eerste onterechte stopzetting of vermindering. Bijna elke schadepost telt alleen mee als de gebeurtenis daarná plaatsvond. Maar die datum is een beleidsmatige keuze, geen wettelijke grens. De Handreiking Werkelijke Schade (Kamerstukken II 2021/22, 31066, nr. 908) schrijft dat het startmoment veelal samenvalt met de stopzetting of terugvordering, en veelal is niet altijd. Blijkt uit het dossier dat de problemen eerder begonnen, dan is er ruimte om te bepleiten dat de schadeperiode eerder aanvangt; de artikelen 3:2 en 3:46 Awb eisen een zorgvuldig en deugdelijk gemotiveerd besluit. Klopt uw startdatum niet, dan is bezwaar tegen de integrale beoordeling het aangewezen middel, en dat moet u doen vóórdat u een vaststellingsovereenkomst tekent.

Een praktijkpunt dat wij ouders meegeven, betreft het aanvullen binnen MijnHerstel. In de regel werkt het aanleveren van extra stukken of toelichting in het voordeel van de ouder. Toch kijkt de behandelaar naar het totaalbeeld van het dossier. Blijkt uit een later toegevoegd stuk dat een schadepost niet of anders van toepassing is, dan kan een eerder berekend forfaitair bedrag voor die post worden bijgesteld. Dat is geen reden om terughoudend te zijn met onderbouwen, wel om vooraf te overwegen welke stukken op welk moment worden ingebracht. Laat u daarbij door uw advocaat adviseren.

Tot slot een geruststelling die te weinig ouders horen: u moet uw schade aannemelijk maken, niet bewijzen. De lat ligt lager dan in een gewone civiele procedure. Medische stukken zijn voor de posten over mentaal en fysiek welzijn niet verplicht. Het ontbreken van papieren uit een periode waarin uw leven in duigen lag, is dus geen reden om uw verhaal maar niet te vertellen.

Bij MijnHerstel bestaat naast de financiële afhandeling ook een herstelgesprek. Ouders kunnen dit aanvragen nadat zij de vaststellingsovereenkomst hebben aangevraagd. Het gesprek gaat niet over geld, maar over erkenning en verwerking: u vertelt wat u heeft meegemaakt en wat het met u heeft gedaan, met een onafhankelijke gespreksleider en de regie bij uzelf. Het kan helpen om het proces emotioneel af te sluiten.

Wordt u overgezet naar MijnHerstel?

Dit speelt alleen voor ouders die (alleen) bij de Commissie Werkelijke Schade (CWS) in de wachtrij stonden. Bent u al bezig in (Gelijk)waardig Herstel of MijnHerstel, dan gaat dit niet over u. Steeds meer ouders uit de CWS-wachtrij krijgen een brief dat hun aanvraag per 1 september 2026 wordt overgedragen aan MijnHerstel. Begrijpelijk dat dit als een gedwongen keuze voelt. Dat is het niet.

De overdracht betekent dat uw dossier van de gesloten CWS-wachtrij naar het portaal van MijnHerstel verhuist. Er wordt daarmee nog niets beslist en u tekent niets. MijnHerstel is voorlopig alleen de standaardroute als u zelf geen andere keuze maakt. U kunt ook kiezen voor (Gelijk)waardig Herstel, en die overstap kan zelfs nog nadat u in MijnHerstel bent begonnen. Niets is definitief totdat u een vaststellingsovereenkomst tekent.

Eén punt verdient bijzondere aandacht, omdat het gemakkelijk misgaat. De gegevens van uw gemachtigde, uw advocaat dus, worden bij de overdracht niet meegenomen naar MijnHerstel. Had u bij de CWS een advocaat, dan moet u die machtiging in MijnHerstel opnieuw regelen. Doet u dat niet, dan staat u er in het portaal ineens alleen voor, terwijl u dacht dat uw advocaat meekeek. Neem daarom eerst contact op met uw advocaat voordat u in MijnHerstel aan de slag gaat.

De brief noemt een termijn van 12 weken om uw schade door te geven. Die kan op verzoek worden verlengd, en zolang u aan het aanvullen bent zet de overheid de wettelijke beslistermijn op pauze. Dat wordt gepresenteerd als “geen nadeel”, maar er zit een principiële keerzijde aan, die wij hier niet onbenoemd laten. Door de beslistermijn telkens op te schorten kan een beslissing op de aanvraag lang worden uitgesteld, terwijl de Wet hersteloperatie toeslagen de ouder juist recht geeft op een beslissing binnen een wettelijke termijn. Bovendien is de Commissie Werkelijke Schade de wettelijke route voor werkelijke schade; door haar feitelijk te sluiten en de beslistermijn op te rekken, ontstaat het beeld dat ouders geen aanspraak meer kunnen maken op een tijdige beoordeling van hun werkelijke schade. Of dat is toegestaan, is voorwerp van rechtspraak: de hoogste bestuursrechter oordeelde eerder dat een forfaitair bedrag niet dwingend mag worden opgelegd, en verschillende rechtbanken buigen zich nu over de vraag hoe snel de overheid moet beslissen, met nog lopende hoger beroepen. Wilt u juist een tijdige, inhoudelijke beslissing over uw werkelijke schade of de bestuursrechtelijke weg openhouden, laat uw situatie dan beoordelen voordat u kiest of tekent.

Let ten slotte op de uitzonderingen: had u uitsluitend een O/GS-vermelding, of bent u nabestaande, dan blijft uw zaak juist bij de CWS. Kreeg u toch een overdrachtsbrief, laat dat dan controleren.

U houdt bovendien keuzevrijheid na de overdracht. Wisselen tussen de twee forfaitaire routes kan beide kanten op, tot een bepaald moment: bij MijnHerstel tot u uw schadeposten doorgeeft, bij (Gelijk)waardig Herstel tot u uw feitenrelaas laat doorrekenen. En in plaats van een van de twee forfaitaire routes kunt u er ook voor kiezen direct de individuele schadeberekening in te gaan; die directe toegang wordt op dit moment ingericht. Zodra u in de ISB uw schade doorgeeft, kunt u echter niet meer terug naar een forfaitair voorstel. Bespreek de keuze daarom vooraf met uw advocaat.

Bij het overzetten van ouders uit de CWS-wachtrij past een nuchtere kanttekening. De datum van 1 september 2026 heeft geen zelfstandige juridische betekenis; blijkens de stukken is die datum vooral bedoeld om ouders in beweging te krijgen. Op die datum verliest u dus geen rechten. Dat verdient benadrukking, want urgent taalgebruik kan het gevoel geven dat een aanspraak vervalt terwijl dat juridisch niet zo is. Werkelijke keuzevrijheid vraagt dat u zonder druk, op basis van volledige informatie en met juridisch advies, een route kiest.

Twee punten houden wij daarbij scherp in het oog. Ten eerste de opschorting van de beslistermijn. Die mag alleen per dossier en met een concrete motivering van wat in dat specifieke dossier ontbreekt (artikel 4:15 Awb). Opschorting mag geen algemeen middel zijn om uitvoeringsachterstanden weg te werken; de bewijslast van die achterstanden hoort niet via een termijnpauze bij de ouder te belanden. Ten tweede de keuzevrijheid. Het recht op een individuele beoordeling en een beschikking over de werkelijke schade is een zelfstandige rechtspositie van de ouder, geen restoptie voor als een forfaitaire oplossing niet lukt. Een vaststellingsovereenkomst kan passend zijn, maar mag niet feitelijk de enige begaanbare weg worden.

Recente ontwikkelingen

De vraag hoe snel de overheid moet beslissen over aanvullende (werkelijke) schade, en of de wettelijke route zo mag worden ingericht dat een beslissing lang uitblijft, ligt inmiddels bij de rechter. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State gaf op 3 juni 2026 een richtinggevende lijn voor beroepen wegens niet-tijdig beslissen, onder meer over de nadere beslistermijn (artikel 8:55d Awb) en de rechterlijke dwangsom. Verschillende rechtbanken zijn het daarover niet eens: de rechtbank Midden-Nederland week op 27 juli 2026 uitdrukkelijk af en oordeelde dat het achterwege laten van een rechterlijke dwangsom zich niet verdraagt met de Algemene wet bestuursrecht en op gespannen voet staat met effectieve rechtsbescherming. Een andere uitspraak van de rechtbank Gelderland laat een vergelijkbaar beeld zijn. De Dienst Toeslagen stelde daartegen hoger beroep in; de Afdeling behandelt een van die hoger beroepen versneld op 16 september 2026. Voor gedupeerden is het praktische punt dit: als niet op tijd wordt beslist, kan via een beroep wegens niet-tijdig beslissen een nadere beslistermijn en soms een dwangsom worden afgedwongen. Laat u hierover adviseren.

Een indicatie, geen toezegging

Het is belangrijk te benadrukken wat de wegwijzer níet is. De uitkomst is een hulpmiddel om u voor te bereiden, geen juridisch advies en geen toezegging over een bedrag; er kunnen geen rechten aan worden ontleend.

Bij (Gelijk)waardig Herstel en MijnHerstel wordt gerekend met vaste bedragen. Deze routes eindigen in een vaststellingsovereenkomst (VSO), en die is definitief: teken daarom nooit iets zonder eerst met uw advocaat te overleggen. Accepteert u een voorstel níet, dan zit u overigens niet vast: dan volgt een beschikking, waartegen bezwaar en beroep openstaan. Een getekende vaststellingsovereenkomst is in beginsel definitief. Toch is het goed te weten dat in de VSO’s van (Gelijk)waardig Herstel een zogeheten novumclausule is opgenomen. Bij een zwaarwegend nieuw feit of een nieuwe omstandigheid, waardoor de uitkomst wezenlijk anders zou zijn geweest, kan een ouder een herzieningsverzoek indienen. Daarvoor hoeft u niet eerst eerder ontvangen bedragen terug te betalen. Wees wel realistisch over de kansen: de novumclausule verplicht niet tot herziening, en tot dusver zijn dergelijke verzoeken in de praktijk afgewezen. Wie het daar niet mee eens is, kan zich tot de civiele rechter wenden. De les blijft dat u nooit tekent zonder juridisch advies, juist omdat terugdraaien zo moeilijk is.

Bij de Commissie Werkelijke Schade (CWS) ligt dit anders. Daar is het uitgangspunt uw werkelijke schade, die individueel wordt begroot, zonder vast maximum. Voor sommige posten kan de CWS terugvallen op vaste (richt)bedragen, maar die wijken af van de bedragen bij (Gelijk)waardig Herstel en MijnHerstel. De grootste posten, zoals inkomens-, pensioen- en medische schade, worden bovendien niet in een hulpmiddel als dit uitgerekend, maar door onafhankelijke deskundigen die de CWS inschakelt. Houd er verder rekening mee dat de CWS verrekent wat u eerder van de UHT ontving; daardoor kan de aanvullende vergoeding lager uitvallen dan uw berekende schade, in sommige gevallen zelfs € 0. De wegwijzer geeft daarom slechts een eerste, ruwe indicatie.

Zelf de wegwijzer proberen

Wilt u de wegwijzer eens bekijken? U kunt uw antwoorden bewaren en met ons delen, zodat wij ze samen kunnen doornemen.

Open de Wegwijzer schadevergoeding →

De wegwijzer opent in uw browser, op computer of telefoon. U hoeft niets te downloaden of te installeren.

Heeft u vragen, of wilt u dat wij met u meekijken naar uw situatie? Neem gerust contact met ons op. Wij staan veel gedupeerde ouders bij in de hersteloperatie en helpen u graag verder.

Veelgestelde vragen

Kan een advocaat mij helpen, en wat kost dat? Bij een verzoek om aanvullende vergoeding van uw werkelijk geleden schade is de hulp van een advocaat vrijwel altijd verstandig: de regels zijn ingewikkeld, de keuzes ingrijpend en een getekende overeenkomst is definitief. Voor die bijstand bestaat een aparte, kosteloze regeling: de Subsidieregeling pakket rechtsbijstand herstel toeslagen. Daarbij geldt geen inkomens- of vermogenstoets, betaalt u geen eigen bijdrage en is er achteraf geen beoordeling van het resultaat. Deze gefinancierde rechtsbijstand geldt in beginsel voor álle routes voor aanvullende schade: (Gelijk)waardig Herstel, MijnHerstel, de individuele schadeberekening (ISB) en de Commissie Werkelijke Schade (CWS). U vraagt een advocaat aan via de Raad voor Rechtsbijstand; wij helpen u daar graag bij.

Kost de hersteloperatie zelf geld? Nee. Het indienen en de behandeling van uw verzoek door de overheid zijn gratis, en ook de bijstand van een advocaat kan kosteloos zijn via de subsidieregeling. Dit geldt overigens niet voor alle werkzaamheden met betrekking tot de hersteloperatie. Zo valt de hulp bij de brede ondersteuning, et cetera niet onder de subsidieregeling.

Betaal ik belasting over de vergoeding? Nee. De vergoedingen uit de hersteloperatie zijn in beginsel onbelast; ze gelden in beginsel niet als inkomen.

Heeft de vergoeding gevolgen voor mijn toeslagen, bijstand of vermogenstoets? In beginsel niet. De compensatie geldt als “bijzonder vermogen” en telt tien jaar lang niet mee voor de vermogenstoets van de toeslagen; voor de kinderopvangtoeslag geldt sowieso geen vermogenstoets, en ook op de bijstand heeft de compensatie geen invloed. Er gelden voorwaarden en termijnen; laat uw eigen situatie navragen.

Wat is de individuele schadeberekening (ISB)? Vindt u na (Gelijk)waardig Herstel of MijnHerstel dat de vaste bedragen uw werkelijke schade niet dekken, dan kunt u een individuele schadeberekening (ISB) vragen. Uw schade wordt dan preciezer bekeken op basis van uw persoonlijke situatie. Dat kan hoger uitvallen, maar soms ook lager. Overleg dit met uw advocaat.

Kan ik na de ISB nog terug naar mijn eerdere voorstel? Tot het moment dat u uw schade in de ISB doorgeeft, wel: u kunt uw vaststellingsovereenkomst uit (Gelijk)waardig Herstel of MijnHerstel dan nog opvragen en tekenen. Daarna niet meer. Aanmelden voor de ISB kan dus zonder risico; het doorgeven van uw schade is het punt van geen terugkeer. Zorg daarom dat u uw forfaitaire uitkomst kent voordat u doorgeeft, zodat u een betere keuze kunt maken.

Ik kreeg minder dan €30.000 compensatie. Kan ik dan wel mee? Ja. In een oudere overeenkomst gold dat bedrag als toegangsvoorwaarde voor (Gelijk)waardig Herstel, maar de recentste informatie van SGH en het ministerie noemt het niet meer als eis en behandelt de €30.000 alleen nog als bedrag dat van uw vergoeding wordt afgetrokken. Bent u hierop eerder afgewezen? Laat dat toetsen.

Mijn ex-partner en ik zijn allebei gedupeerd. Kunnen wij allebei aanvragen? Ja. Werd de kinderopvangtoeslag afwisselend door u beiden aangevraagd, dan bent u “dubbele aanvragers” en kunt u allebei starten, in overleg met uw coördinator. Hoe u de schadeposten over u beiden verdeelt, luistert nauw: laat u daarbij adviseren.

Kan ik nog van route wisselen? Zolang u niets heeft getekend, vaak wel. Maar een getekende vaststellingsovereenkomst (VSO) is definitief. Overleg dus altijd vóórdat u tekent.

Wat als ik het niet eens ben met de uitkomst? U hoeft niet te tekenen. Dan volgt een beschikking waartegen bezwaar en beroep openstaan, of u laat uw schade individueel berekenen. U zit niet vast.

Hoe lang duurt het? Dat verschilt per dossier en is vaak lang: van maanden tot meer dan een jaar. Duurt het onredelijk lang, dan kunnen wij stappen zetten om een beslissing af te dwingen.

NB: opmerkingen over de inhoud van deze blog of wegwijzer ontvangen wij graag!

Leave a Reply