Skip to main content
BankenBlog

Opzegging van de bankrelatie op grond van de Wwft: twee vonnissen, tegengestelde uitkomst

By 20 juni 2026juli 10th, 2026No Comments

Bij een opzegging van de bankrelatie op grond van de Wwft geldt geen belangenafweging. De bank moet aantonen dat zij een zorgvuldig klantonderzoek deed en de opzegging deugdelijk motiveerde. Rechtbank Midden-Nederland lijkt dat te overwegen in twee vonnissen die op 19 juni 2026 zijn uitgesproken: in de ene zaak moest ABN AMRO de relatie herstellen (ECLI:NL:RBMNE:2026:3769), in de andere zaak hield de opzegging stand (ECLI:NL:RBMNE:2026:3770). Zelfde bank, zelfde voorzieningenrechter, zelfde dag, en toch een tegengestelde uitkomst.

Wat was er aan de hand?

De twee zaken komen uit hetzelfde klantonderzoek. Nadat in de publiciteit kwam dat de broer van de bestuurder betrokken zou zijn bij georganiseerde drugshandel, startte ABN AMRO een onderzoek naar de bestuurder en zijn vennootschappen. De bank vond geen bewijs voor betrokkenheid bij drugshandel, maar zag wel een netwerk van vennootschappen en personen dat vooral binnen een gesloten kring zaken deed. Zij zegde de relatie met meerdere partijen uit dit klantcomplex op. Elf van hen begonnen een kort geding; in deze twee zaken werd op dezelfde dag uitspraak gedaan.

Geldt er een belangenafweging bij een Wwft-opzegging?

Nee. Kort en goed oordeelde de rechtbank dat anders dan bij een gewone opzegging op grond van de Algemene Bankvoorwaarden komt bij een opzegging van de bankrelatie op grond van de Wwft de vraag of de opzegging naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is, of de zorgplicht in de weg staat, niet aan de orde. De opzegging vloeit voort uit een wettelijke plicht van artikel 5, derde lid, Wwft: kan de bank het klantenonderzoek niet met een positief resultaat afronden, dan moet zij de relatie beëindigen. Het belang van de klant bij toegang tot het betalingsverkeer speelt wel mee, maar op een andere plaats, namelijk bij de vraag of de bank haar onderzoek zorgvuldig heeft verricht. De rechter toetst naar het moment van de opzeggingsbrief.

Waarom verloor de bank de ene zaak en won zij de andere?

Alles draait om de kwaliteit van het onderzoek en de motivering. In de eerste zaak baseerde ABN AMRO de opzegging op onduidelijkheid over leningen en een opmerkelijke huurconstructie met zorgwoningen. De rechter vond die constructie zelf ook opmerkelijk en zelfs maatschappelijk onwenselijk, maar de opzegging sneuvelde toch: de bank had over de leningen één vraag gesteld, over de huurconstructie geen enkele, en zij legde niet uit waarom die punten tot onbeheersbare integriteitsrisico’s leidden. De klant kreeg zo geen reële kans de zorgen weg te nemen. In de tweede zaak lag het spiegelbeeldig. Daar onderbouwde de bank uitvoerig en met stukken waarom zij geen grip kreeg op de onderneming: een payrollbedrijf met branchevreemde dochters in cosmetica, onverklaarde vastgoedtransacties en een ondoorzichtige eigendomsstructuur met een stichting als uiteindelijke aandeelhouder, waarover de klant wisselende en tegenstrijdige verklaringen gaf. Omdat de klant die onduidelijkheid niet wegnam, mocht de bank concluderen dat zij het onderzoek niet positief kon afronden.

Wat betekent dit voor de praktijk?

Voor de klant telt vooral dossieropbouw. Werk tijdig en volledig mee, geef consistente verklaringen en onderbouw ze met stukken, want tegenstrijdigheden zijn dodelijk. Voor de bank geldt dat een Wwft-opzegging staat of valt met een zorgvuldig onderzoek en een deugdelijke, kenbare motivering waarin de klant een echte kans heeft gekregen te reageren. Wie deze zaken procedeert, wint ze op de feiten.

Veelgestelde vragen

Mag een bank de bankrelatie zomaar opzeggen op grond van de Wwft?

Niet zomaar. De bank moet eerst een zorgvuldig klantonderzoek doen en aannemelijk maken dat zij dat onderzoek niet met een positief resultaat kon afronden. Pas dan bestaat de wettelijke plicht om op te zeggen.

Speelt het belang van de klant geen rol?

Het klantbelang speelt mee bij de vraag of het onderzoek zorgvuldig was, niet als aparte belangenafweging. De rechter toetst of de bank de klant een reële kans gaf te reageren en de opzegging deugdelijk motiveerde.

Wat kan ik doen als mijn bank de relatie opzegt?

Vraag de motivering op, reageer volledig en onderbouwd op alle vragen, en overweeg een kort geding. Zoals deze twee zaken laten zien, is de uitkomst sterk afhankelijk van de feiten en het dossier.

Tip! Check onze wegwijzer over een hiermee aanverwant onderwerp. Deze staat in de volgende blog: Bankrelatie opgezegd of geregistreerd in het EVR of IVR? Zo staat u ervoor

Bron: Rb. Midden-Nederland 19 juni 2026, ECLI:NL:RBMNE:2026:3769 en ECLI:NL:RBMNE:2026:3770 (toetsingskader mede op basis van Hof Arnhem-Leeuwarden, ECLI:NL:GHARL:2025:3542).

Leave a Reply